Carl Sagans verwondering
Onderstaand fictieve interview met Carl Sagan, een van de meest ruimdenkende kosmologen, geeft een beeld van de ongelooflijk majestueuze universele macro- en microwereld en hoe de mens – met zijn antropocentrische kijk op het universum – zich hierin verhoudt. Ook geeft het inzicht in uitgangspunten die een diepgaandere kijk bieden op de verbinding tussen alle manifestaties en processen in de kosmos.
Carl Sagan ontwikkelde de informatie die de ruimte in is gestuurd in de vorm van gouden platen, met de opzet dat eventuele buitenaardse intelligenties de berichten misschien zullen ontvangen en begrijpen. Deze informatie bevat echter geen enkele verwijzing naar de aard van de menselijke geest of naar overal op de wereld voortkomende (vaak eeuwenoude) spirituele wijsheid.
Carl Sagan overleed in 1996. Sindsdien is wereldwijd een omvangrijk onderzoeksveld ontstaan rond bewustzijn en non-lokale (kwantum-) verbondenheid. Dit heeft inmiddels een indrukwekkend bewijscorpus opgeleverd over het bestaan van een alomvattend en alverbindend causaal Veld wat in de Vedische filosofie het Akashaveld wordt genoemd.
Interview met Carl Sagan
.
Dag meneer Sagan. Wat fijn dat ik u mag interviewen!
Ik heb ooit een aantal van uw presentaties gezien, op tv, en ik herinner me hiervan dat u heel helder en toegankelijk over de meest moeilijke dingen kon spreken.
Ja, dat was in de tachtiger jaren… mijn serie ‘Cosmos’. Die werd goed bekeken. En zeg maar Carl hoor, want hier in het hiernamaals vervalt elke hiërarchie.
Ah, bedankt… Ja dat was een schitterende serie. U nam ons mee mee langs de sterren, de aarde en het heelal, ik kwam erdoor in vervoering.
Dat was ook de bedoeling! Ikzelf voelde diepe verwondering voor het universum en een bijna mystieke waardering voor wat ik allemaal ontdekte.
Precies daarom wil ik graag met u spreken, want ik hou mij bezig met spiritualiteit. Ik ben benieuwd of dit van u een spirituele beleving was, en zo ja of u hier iets over wilt vertellen.
Nou, je moet weten dat ik best kritisch was op allerlei vormen van religie, vooral als die dogmatisch en star zijn. Religies stonden de afgelopen 2000 jaar dan ook heel vaak tegenover wetenschap en vervolgden serieuze en toegewijde toenmalige collega’s van mij. Ik vind het nog steeds een verschrikking dat hieruit zoveel onderdrukking van kennis voortkwam.
Vanzelfsprekend… ik heb ook meer met spirituele stromingen die juist wél openstaan voor wetenschappelijke kennis. Die spiritueel gedreven waarheidsvinders opleverden. Heel anders dan de religies waar u op doelt.
Oké, dat begrijp ik. Voor mij was spiritualiteit dan ook niet gebonden aan een godsdienstig geloof of systeem, maar aan het besef van diepere verbondenheid met het geheel… een gevoel van eenheid met de kosmos dat ontstaat uit kennis en verwondering. Ik zie niet veel in religieus geloof, maar heb wel een soort spiritueel gevoel als ik over het universum nadacht en over onze plek als mens daarin. Ik kon verrukt en zelfs verbijsterd zijn van ontzag als ik het heelal bestudeerde… die immense uitgestrektheid… maar ook die complexiteit van het leven op onze planeet. Als je ziet hoe onbegrijpelijk uitgestrekt de macro- en microwerelden zijn… daar kan ik nu nog steeds met mijn pet niet bij, al bevind ik me nu niet meer in een fysieke wereld… Dan heb ik het over een kosmisch perspectief dat ons helpt te relativeren en nederig te zijn en dat een diep gevoel van verantwoordelijkheid met zich meebrengt.
Aha… dat herken ik… voor mij is een spiritueel mens dan ook iemand die enerzijds een diep gevoel van verantwoordelijkheid in zich draagt, en anderszins weet dat de kosmos is zoals ie is… en dat de mens daar nauwelijks invloed op uitoefent, hoe verantwoordelijk of onverantwoordelijk hij zich ook gedraagt.
Ja, dat zie ik ook zo, want de kosmos is onaantastbaar. Geen enkele goede daad of misdaad zal haar kunnen beïnvloeden. Het door ons kenbare universum is dan ook volstrekt neutraal en bemoeit zich nergens mee. Alles gaat volledig z’n eigen gang.
En dat is dus in tegenstelling met dogmatische religies, want daarin is er altijd weer die god die bestiert en straft of beloont… ik snap werkelijk niet dat intelligente mensen hier zeer standvastig hun hele leven in geloven.
Nou ja, het geeft kennelijk een soort valse zekerheid… mensen willen zich ergens aan ophangen, ergens bij horen… een gemeenschap… in gemeenschappelijk te bevatten uitgangspunten… Maar ja, dat is nu juist onmogelijk op kosmische schaal. Het ís niet te bevatten!
Voor mij staat dan ook vast dat bewijsvoering en rationeel denken voorop moeten staan in onderzoek en in het opstellen van grootse synthesen en paradigma’s. Er valt best veel te ontdekken dat kan worden bewezen en dat de enorme schaal van kosmische zaken aantoont. Als men dat goddelijk wil noemen… prima.
Ja, daar ben ik ook van onder de indruk… ik doe wel eens een onderzoekje naar bepaalde dingen, met gebruik van AI, want dat is inmiddels de beste encyclopedie die er is. En daaraan hebt u, neem ik aan, een grote bijdrage geleverd. Alles wat u hebt ontdekt en beschreven is erin te vinden.
Nou, dat is fijn om te horen! Zeg eens, wat wilde je dan bijvoorbeeld weten?
Ik zocht eens Andromeda aan de hemel, het dichtstbijzijnde sterrenstelsel. Het kan op een zeer heldere nacht met het blote oog worden waargenomen. Het heeft even geduurd, maar ik had een hemelkaartje gevonden om Andromeda te vinden, met pijltjes hoe ik moest kijken. Met mijn 8×20 verrekijkertje vond ik ‘m dan ook! Een heel klein vlekje… of ‘wolkje’… heel anders dan een enkele ster. Toen kon ik ‘m ook met het blote oog zien… niet eenvoudig, want het moet wel echt heel donker zijn.
Goed gedaan! Het is inderdaad redelijk makkelijk te vinden onder de W van het sterrenbeeld Cassiopeia. Het Andromedastelsel ligt zo’n 2,5 miljoen lichtjaar van ons verwijderd, een schitterend lichtbaken uit het verleden, want het licht dat wij er nu van zien werd uitgezonden voordat de mens zelfs maar bestond! Bij het ontstaan van homo-sapiens was het licht van alle Andromeda-sterren bij elkaar al meer dan twee miljoen jaar naar onze aarde ‘onderweg’ met zo’n 300.000 km per seconde! Dat besef alleen al toont hoe groot en ver Andromeda van ons af staat en hoe klein en jong wij zijn op kosmische schaal. Ons menselijke bestaan is dus een piepklein hoofdstukje in een verhaal dat zich uitstrekt over miljarden jaren.
En toch heeft de mens het vermogen om deze grootsheid te begrijpen, of in ieder geval aan te voelen. Hoewel… heeft de mens dat wel?
Ja, dat is een van de meest verbazingwekkende eigenschappen van onze soort. Dit vermogen, een product van langdurige evolutionaire processen, om te kunnen nadenken over sterrenstelsels… over tijdschalen die onze verbeelding ver te boven gaan. En ook over de moleculaire complexiteit van het leven zelf. Hierin moeten we dus heel bescheiden blijven: onze geest werkt met symbolen en modellen, en die zijn altijd beperkt. Ze zijn niet de werkelijkheid.
Ik schreef daarover… over antropocentrisme… over dat kleinmenselijke denken… dat heel beperkt is, en ook niet anders kán zijn dan dat… over dat dit een blokkade is en we niet in de gaten hebben dat dit waarheidsvinding in de weg staat.
Dat heb je goed gezien. De menselijke geest heeft absoluut zijn limiet.
Maar goed, daarom is spiritueel wakker zijn voor mij belangrijk, omdat dit niet alleen antropocentrisme voorkomt, maar ook maakt dat we hiermee gevoeliger worden voor begrip dat juist niet analytisch of met metingen kan worden verkregen. Het lijkt me dat je er niet omheen kunt dat er een soort absoluut bewustzijn ten grondslag ligt aan elke vorm van bestaan… zelfs aan elke vorm van processen en veranderingen… een gigantische intelligentie, kun je ook zeggen.
Ik begrijp wat je bedoelt. Dat er een enorme intelligentie achter het waarneembare universum voelbaar is, kan ik beamen. Toch heb ik moeite met het creationistische uitgangspunt… alsof er een ‘schepper’ zou zijn. Hou er rekening mee dat die beperkte menselijke geest toch uiterst creatief is in het bedenken van allerlei mooie of zelfs hoogdravende theorieën die niet met feiten kunnen worden gestaafd. Er wordt veel gefantaseerd… wat dan zelfs als wetenschappelijk wordt verkocht, terwijl het dat niet kan zijn. Bijvoorbeeld dat er een ‘god’ zou bestaan. Veel mensen nemen dit dan over en voor je het weet heb je een hele stroming die gebaseerd is op verbeeldingen. Feitelijk veel erger dan je louter baseren op modellen.
Dat ben ik met u eens. Ik heb het dan ook niet over een schepper. Toch is ‘god’ slechts een vorm of benaming die is gekozen voor die onmetelijke intelligentie achter alles. Dat komt omdat dat de mens juist te wéinig verbeelding heeft om het achterliggende grootse te begrijpen en aan te voelen zonder er platte menselijke beelden bij te halen. Grote Italiaanse schilders beeldden God uit als ‘man-met-baard-op-wolk’… Dat is toch eigenlijk triest te noemen? We mogen van het Absolute geen beelden creëren, nietwaar…? Was dat niet een van de 10 geboden?
Precies, dat is zo. En dat moeten ook maar niet doen! Het is lastig, weet ik, de mens wil beelden en verklaringen… Zonder die neiging om dit naar een menselijke maat te brengen blijft de ongelooflijk intelligente universele samenhang in vormen en processen ook veel ontzagwekkender. Veel mystieker. Veel uitdagender ook. Geef gewoon toe dat de mens niet zó’n universele geest bezit dat hij alles zal kunnen vatten. We mogen het Absolute, zoals jij het noemt, niet kleiner maken voor onze eigen gemoedsrust. In die zin wijs ik elke god in de hemel af.
Tja… dat kan ik goed begrijpen. U sprak vaak over de “pale blue dot’, onze aarde als een klein blauwgekleurd puntje in het enorme heelal. Kan dat idee helpen om menselijke bescheidenheid te cultiveren? Om onze de ware maat te leren inzien?
Zeker. Net zoals die miljarden sterrenstelsels veel verder weg dan Andromeda ons nederig maken door besef van hun afstanden en ouderdom, helpt de ‘pale blue dot’ ons herinneren dat alle mensen, al onze conflicten, al onze liefdes en dromen plaatsvinden op een klein blauw stipje in een immense donkere kosmos. En dan hebben we het nog niet eens gehad over de minuscule schaal van het leven binnen onszelf… een universum in ons. Dat is ook een immense donkere kosmos, maar dan de andere kant op.
Inderdaad, daarover had ik ook iets opgezocht. Ik wilde meer weten over de menselijke lichaamscellen… de fysieke eigenschappen ervan, en van ons DNA. Toen kwam ik erachter dat ieder mens zo’n 37 biljoen cellen in zijn lichaam heeft… 37 biljoen! En in elke cel barst het weer van de eiwitten, lipiden en moleculen, zoals het DNA… Daar kan ik niet bij met mijn verstand.
Het is helemaal niet raar dat je daar niet bij kunt. Dat kan niemand. Het zijn grootheden – of moet ik hier nu zeggen kleinheden – van een omvang… Godgelijk, zou je kunnen zeggen als je gelovig bent, haha.
Ja… en dan ook nog te beseffen dat één enkele menselijke cel van de 37 biljoen ongeveer zesenhalf miljard DNA-nucleotiden bevat… in die dubbele helix-strengen die nu iedereen wel als afbeelding kent.
Prachtig hè? Prachtig én ontzagwekkend! Even ontzagwekkend als dat er zo’n twee biljoen sterrenstelsels zijn met elk een paar honderd miljard sterren… Dan heb ik een leuke vraag voor jou: Weet je hoe lang een enkele DNA-streng in een van jouw lichaamscellen is, als je ‘m zou uitvouwen?
Geen idee…
Als je het DNA uit één enkele cel zou uitrollen, zou het ongeveer 2 meter lang zijn.
Twee meter??? En dat dan 37 biljoen maal??? Want zoveel cellen hebben we!
Ja! Niet te geloven hè? Al het DNA in jouw lichaam zou uitgerold een afstand kunnen overbruggen van ongeveer 74 miljard kilometer. Dat is ruim 500 keer de afstand tussen de aarde en de zon!
Wow… je neemt me niet in de maling hè?
Zeker niet! Dit is een prachtig voorbeeld van de paradox van schaal. Aan de ene kant zijn we slechts een stip op een blauwe stip in het universum; aan de andere kant dragen we in onszelf een verbazingwekkende, uitgestrekte structuur van informatie en complexiteit die we nog totaal niet begrijpen. De moleculen in onze cellen zijn stukjes van een niet te bevatten verhaal over het ontstaan en voortbestaan van leven. Met een onbeschrijfelijke omvang.
Dus u zegt dat schaal en tijd van een never-nooit te bevatten omvang zijn?
Ja, want zelf bestaan we maar kort, gemiddeld zo’n 85 jaar… maar de atomen waaruit ons DNA bestaat – zoals koolstof, zuurstof, waterstof, stikstof en fosfor – die blijven miljoenen tot miljarden jaren bestaan. Die zijn dus niet ‘van ons’. We zijn gemaakt van sterrenstof! Alle elementen in ons lichaam zijn afkomstig van het leven en de dood van sterren. Dat kan ook niet anders. Alle atomen met hun elementen ‘recyclen’ op kosmische schaal. Ik grapte dan ook wel eens: “als je hélemaal zélf een appeltaart wilt maken, moet je eerst het universum uitvinden”. Al deze dingen beseffen gaven mij een diep gevoel van verbondenheid en respect voor het leven. Want je weet… het wonder van het leven is nog nimmer verklaard. Niet in de wetenschap, maar ook in geen enkele religie of filosofie.
Ja, dat zei Maurice Nicoll ook, een Vierde Weg-leraar waar ik veel van heb geleerd. Hij was psychiater en spiritueel-filosofisch leraar. Hij werkte onder andere samen met Carl Gustav Jung. Hij zei: “De mens schrijft zichzelf geest, denken, bewustzijn, voelen, willen, leven, in één woord álles toe, hoewel hij niet in staat is, en nooit zal zijn, om ook maar een van deze dingen te verklaren.”
Wat zegt dit over de beperkingen van onze menselijke kennis?
Carl Jung heb ik zeker gekend. Ik deelde zijn fascinatie voor de menselijke neiging om patronen te zien en mythen te creëren. Ik heb ook wel bewondering voor de menselijke zoektocht naar betekenis… dat thema stond behoorlijk centraal bij Jung. Maar… van De Vierde Weg moest ik niet veel hebben. Kijk… ik begrijp goed dat De Vierde Weg gaat over zelfontwikkeling, bewustwording en psychologische transformatie. Maar omdat dit stelsel stoelt op aannames die zich onttrekken aan objectieve, wetenschappelijke toetsing, behoort het wat mij betreft tot een menselijk verhaal. Ik stelde dan ook de Baloney Detection Kit op – dat is een tool voor het opsporen van onzin – als noodzakelijk instrument om te voorkomen dat we worden misleid door mooie verhalen.
Begrijp ik. Een bullshit-detector… Belangrijk. Toch ben ik een aanhanger van het stelsel van De Vierde Weg, omdat het – naast ook zeker wat ‘baloney’ – de menselijke geest bestudeert en hierin kan elk mens die uitgangspunten in zichzelf ontdekken. Kijken of het klopt. Dat is m.i. óók een vorm van toetsing of bewijsvoering. Als ik in mijzelf kan waarnemen dat ik merendeels van de dag niet zelfreflectief ben in het moment van Nu, dus niet in een voelende waarneming van mijzelf in situaties, is de stelling dat de mens zich merendeels in een ‘wakende slaap’ bevindt opeens een feit. En ook dat er in onze geest centra en instrumenten te ontdekken zijn die haar van een goede mindmap voorzien, waardoor we veel helderder en accurater worden. Ziet u dat?
Ja, dat kan ik wel aanvoelen. Zeker… het denken in termen van miljarden jaren en astronomische afstanden, naast de ongelooflijke complexiteit binnen een enkele cel, daagt ons uit om ons bewustzijn te verruimen. En die verruiming is niet alleen intellectueel en intuïtief, maar in zekere zin ook spiritueel… het helpt ons een plaats te vinden in het grote geheel, met respect en verwondering.
Maar ik blijf kritisch als iets onwetenschappelijk is… al kan het dienen om mensen te verbinden en betekenis te geven. Mijn eigen ‘spiritualiteit’ was geworteld in de wetenschap, in het zoeken naar waarheid en in de vreugde van het ontdekken. ‘Het grote mysterie’ is dat de wetenschap steeds meer weet, maar ook steeds meer beseft hoeveel er nog onbekend is en mogelijk nooit te weten valt. Dat is voor mij een essentieel deel van de ervaring, zonder dat dit hoeft te betekenen dat ik mijn toevlucht zou moeten nemen tot het bovennatuurlijke.
Nou… ik zie de menselijke geest… mijn eigen geest dus en mijn onderzoek hierin, niet als bovennatuurlijk. Onze menselijke geest met al haar enorme eigenschappen kunnen we niet ontkennen als volstrekt natuurlijk, ondanks dat er weinig van valt te verklaren of te bewijzen op wetenschappelijk gebied. Bewijst u maar eens waar de plek van het bewustzijn huist in ons als individu… in ons brein? In ons hart? Niet te vinden dus. Ik zie onderzoek van onze geest juist als noodzakelijk… als zeer wetenschappelijk zelfs… om los te komen van heel veel psychologische ‘baloney’ erin, die mensen kleinzielig en ongelukkig houden… Daarin is De Vierde Weg zeer behulpzaam.
Oké… leg eens uit…
Wel… als we wat u ‘het bovennatuurlijke’ noemt nou eens niet langer als zodanig zien, maar als een onbegrepen feit dat fenomenen verklaart… is het dan niet de moeite waard om ons hierin te verdiepen? Als wetenschappelijk paradigma? Ik noem iemand die u misschien ook hebt gekend: Ervin László. Die heeft hier over geschreven.
Ja, die ken ik wel… maar ontmoette hem niet bij leven. Toen Ervin László zijn Integral Theory of Everything poneerde in boeken, liep ik al een paar jaartjes niet meer rond in de fysieke wereld.
Klopt. Nou, deze filosoof en systeemdenker was al een wonderkind op de piano, wist u dat? Hij trad al jong als concertpianist op met symfonieorkesten. Later behaalde hij zijn doctoraat in de Letteren en Geesteswetenschappen aan de Sorbonne in Parijs en ontving vier eredoctoraten. Mijns inziens een echte wetenschapper, al is zijn Theorie van Alles nog niet bewezen. Zijn evolutietheorie vind ik dan ook heel indrukwekkend. Hierin is het zogenaamde ‘A-Veld’ het meest invloedrijke idee – een kosmisch informatieveld dat dient als een blauwdruk voor het universum en alles met elkaar verbindt.
Ja-ja… maar waar is hiervan het empirisch bewijs te vinden? Naar mijn weten richtte László zich op een of andere holistische kosmische structuur die alle fenomenen verbindt en informeert.
Precies, een Veld waarin werkelijk alle universele informatie als een holografische imprint ligt ‘opgeslagen’, buiten tijd en plaats. Een alomvattend kosmisch informatienetwerk waarin de hele geschiedenis en toekomst van het universum vastligt. Het fungeert als het diepste kosmische geheugen van het universum, waarin alle ervaringen, structuren en gebeurtenissen uit het verleden en heden permanent bewaard blijven. De holografische structuur ervan betekent dat elk afzonderlijk punt alle informatie over het totale universum bevat, waardoor het geheel in elk deel weerspiegeld wordt. Omdat dit volledig buiten bekende grenzen van tijd en ruimte bestaat, is de informatie niet gebonden aan een specifieke plek of een bepaald moment. En deze eigenschap die dus alles overstijgt, verklaart volgens hem de diepe onderlinge verbinding en samenhang in de kosmos, waarmee het begrijpelijk maakt hoe allerlei zaken met elkaar in contact staan en waarom de natuur zo nauwkeurig op elkaar is afgestemd.
Nou… zijn theorie is dan op zich best mooi gevonden. Ik hoor hierin een oprechte poging wetenschap en metafysica met elkaar te verbinden. Het komt waarschijnlijk voort uit zijn intuïtieve muzikale geest en ik hoop dan ook dat het eens zal kunnen worden bewezen. Maar naar mijn weten is het nog slechts theorie en ik heb moeite met theorieën die worden gebaseerd op kwantumprocessen die wél wetenschappelijk zijn onderbouwd. Dan lift je wat makkelijk mee op andermans wetenschappelijke uitgangspunten.
Wel… hij had dit feitelijk overgenomen van oude Vedische uitgangspunten over het Akasha Veld. Die bestonden al voordat de wetenschap ook maar iets begon voor te stellen. Hij her-introduceerde dit concept in moderne taal zodat iedereen het kan begrijpen. En nu veel meer bekend is van kwantumzaken kon hij er conclusies uit trekken. Mooi toch?
Er waren ook al eerdere pogingen om wetenschap en metafysica te verenigen. Kijk… dit uitgangspunt van een Veld dat ons universum vooraf informeerde heeft een zekere schoonheid in zich… en als het ooit wordt bewezen zal het een enorme paradigmashift met zich meebrengen. Maar ja… hoe bewijs je dat? Het ligt buiten het bereik van empirische toetsbaarheid… Buitengewone beweringen vereisen nou eenmaal buitengewoon bewijs, nietwaar? Volgens László ontstond ons huidige universum dus vanuit dit Veld, en zal hieruit dan mogelijk ook een volgend universum informeren. Maar ja… niet te meten dus… daar kunnen we niet zo makkelijk achter komen.
Maar hoe verklaren we anders het antropisch principe binnen de kosmogonie? Daarin blijkt dat als er bij de oerknal een fractie meer massa was geweest, dit had geleid tot een directe kosmische ineenstorting… wég universum in de dop! Terwijl iets minder massa juist zo’n snelle uitdijing had veroorzaakt dat al die sterrenstelsels zich nooit hadden kunnen vormen. Dat lijkt toch op voor-informatie?
Ja, die vraag begrijp ik wel. Dan denk ik aan de zogenaamde kosmologische constante, oftewel de donkere energie die de expansie van de ruimte aandrijft. Die was onvoorstelbaar nauwkeurig precies. Nagenoeg onmogelijk. Een afwijking in deze waarde ter grootte van één op de vigintiljoen — ja-ja, dat is een 1 met 120 nullen — zou hebben gemaakt dat het heelal uit elkaar werd gerukt voordat er ook maar één melkwegstelsel in kon ontstaan. Voor dit mysterie zijn er drie mogelijke verklaringen. De eerste is dat er een nog onontdekte natuurwet bestaat, waarbij verschillende enorme krachten in het vroege heelal elkaar bijna perfect hebben opgeheven tot er een heel klein restje donkere energie overbleef.
Nou! László’s nog niet bewezen A-Veld zou dát dus kunnen verklaren… dat het A-Veld ons universum al bevatte in causale vorm, vóór de big bang…
Dat weet ik niet… het is niet te checken.
Een tweede optie is het idee van een multiversum, waarin oneindig veel universums bestaan die allemaal een willekeurige waarde hebben gekregen. Wij hebben in die kosmische loterij toevallig de hoofdprijs gewonnen, want in alle andere heelallen is leven onmogelijk.
Tjonge… dat lijkt me al helemáál niet te checken! Vind ik minder plausibel dan de A-Veld hypothese. Een soort loterij dus… ‘God dobbelt niet, weet u nog’?
Ja, dat weet ik nog, en de derde optie is dan ook van Albert Einstein, die stelde dat deze waarde van de kosmologische constante simpelweg een vast en onveranderlijk basiskenmerk van de ruimte zelf is, net zoals de lichtsnelheid. Waardoor er dus helemaal geen diepere oorzaak achter zit.
Lijkt me ook niet te checken toch?
Vergeet ook de asymmetrie tussen materie en antimaterie niet, de zogeheten baryonenasymmetrie. Dat is net zo’n fundamentele pijler. Door een minieme afwijking van slechts één extra materiedeeltje op elke miljard deeltjes bleef er na de vroege vernietigingsfase exact genoeg materie over om de huidige melkwegstelsels op te bouwen. Al deze specifieke eigenschappen en natuurconstanten worden binnen het antropisch principe verklaard door te wijzen op onze eigen aanwezigheid: ofwel ons universum maakt deel uit van een oneindig multiversum waarin wij toevallig in de juiste kosmische oase leven, ofwel er ligt een nog onbekende, fundamentele natuurwet aan deze perfecte fijnafstemming ten grondslag.
Wat u nu allemaal noemt lijken mij dus prima voorbeelden van onbewezen hypothesen die balanceren op de grens van wetenschap en filosofie. Om er maar eentje uit te pikken: dat eventuele andere universums buiten ons observeerbare heelal liggen, maakt dat ze nooit meetbaar of falsifieerbaar zullen zijn. Ik kan me voorstellen dat dit rechtgeaarde natuurkundigen zeer kritisch stemt. Er wordt in de wetenschap al lange tijd naar een allesomvattende ‘Theorie van Alles’ gezocht en zodra zo’n fundamentele hypothese de kosmische fijnafstemming kan verklaren, is de aanname van andere fictieve universums direct overbodig geworden, lijkt me. Dan denk ik: dan zijn we er toch? Alles wat u nu heeft geopperd zou vanuit László’s non-duaal A-Veld kunnen worden verklaard. Daarom noemt László zijn hypothese ook een ‘Theorie van Alles’. Daar moet de wetenschap dan toch achteraan? Om te zoeken naar bewijs hiervoor?
Tja… De wetenschap omarmt het mysterie van donkere materie juist omdát dit wel meetbaar is via waarneembare effecten op de kosmos. Een ‘kwantumveld’ zoals dat van de Vedische filosofie en van László verklaart dit mysterie niet. Hij labelt het aan oude mystiek, zonder voorspellingen te doen die we in een laboratorium of met een telescoop kunnen testen. Mijn voorkeur gaat dus uit naar de meetbare wereld van sterrenstelsels en kwantumdeeltjes.
Wel… dat kan ik niet ontkennen. Maar laat dit dan ook gelden voor de mysteriën die ú zojuist hebt verteld. Dus voor de kosmologische constante, de baryonenasymmetrie, of een multiversum… Ik zou zeggen: meten maar! Terwijl het dus niet te meten ís…
Als spiritueel filosoof wil ik blijven uitgaan van dat veel belangrijke zaken die we niet begrijpen simpelweg nóóit in een laboratorium of met een telescoop zullen kunnen worden getest. Ook slimme modellen maken uitgangspunten niet aannemelijker, al lijken ze dan serieuzer voor de wetenschap. Wetenschappelijk bewijs is niet het enige bewijs. Er bestaat ook ervaringsbewijs. Innerlijke observaties leveren ook gegevens op en al zijn deze subjectief… hoe meer mensen ze beamen, hoe meer het feiten worden. Dus, terugkomend op Nicolls uitspraak dat we onszelf geest, denken, bewustzijn, voelen, willen, leven, etcetera toeschrijven, hoewel we nooit in staat zullen zijn om er ook maar iets van te verklaren of te bewijzen, niet in een laboratorium, niet met een telescoop, niet met berekeningen, niet met falsifieerbaarheid, en zelfs niet te ‘scheren’ zijn met Ockhams Scheermes, vind ik écht niet dat László’s paradigma kan worden gezien zien als het misbruiken van legitieme natuurkunde om nog onbewezen esoterische uitgangspunten geloofwaardig te maken.
Oké… even denken… klinkt wel logisch…
We zijn het beiden in ieder geval eens over één cruciaal punt: de mens en het universum zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Van beide valt veel nog niet te begrijpen en ook niet te bewijzen. Er bestaan op zich interessante parallellen tussen mijn ‘kosmisch perspectief’ — de verbondenheid en eenheid van alles in het universum — en László’s idee van het A-Veld als een allesdoordringend informatief nulpuntveld. Beide perspectieven benadrukken die verbondenheid, maar ik zou voorzichtig blijven om daaruit conclusies te trekken over de uiteindelijke aard van de werkelijkheid.
Begrijp ik… maar zonder radicale stellingen, die op welke manier dan ook hout lijken te snijden, komt de mens niet verder met z’n onderzoek. We moeten in verschillende richtingen onderzoek doen en bewijzen zoeken, lijkt me.
Carl… ik wil u graag iets vertellen wat u onmogelijk kunt weten. Sinds uw heengaan is er wereldwijd een enorme hoeveelheid onderzoek gedaan naar bewustzijn, intentie en non-lokale samenhang, en ook gepubliceerd. De wetenschapsjournalist Lynne McTaggart bracht honderden studies bijeen, velen dubbelblind uitgevoerd, die wijzen op opmerkelijke effecten die tijdens uw leven nog nauwelijks bekend waren. Het is nog geen geaccepteerd bewijs voor László’s A-Veld, maar het onderzoeksveld is aanzienlijk rijker geworden.
Dat verheugt me werkelijk. Niet omdat het mijn scepsis weerlegt, maar omdat het laat zien dat mensen zijn blijven onderzoeken. Wetenschap is immers geen verzameling zekerheden, maar een methode om onze vergissingen of misvattingen steeds kleiner te maken. Als er werkelijk robuuste, onafhankelijk herhaalde en goed gecontroleerde resultaten bestaan, dan verdienen die de volledige aandacht. Niet omdat ze het wereldbeeld van mij of wie dan ook zouden moeten bevestigen of ontkennen, maar omdat de natuur uiteindelijk het laatste woord zal moeten krijgen.
Grote sprongen in de wetenschap zijn bijna altijd begonnen bij de ‘ketters’ die buiten de gevestigde kaders durfden te treden. De geschiedenis leert dat wat vandaag ‘mystiek’ wordt genoemd, morgen harde wetenschap kan blijken te zijn. Alchemie werd scheikunde, en het onbegrip rondom de kwantummechanica is inmiddels verdampt.
Maar eh… u zou uw scepsis niet opgeven?
Nee. Dat hangt ervan af… Als je te sceptisch bent, laat je geen nieuwe ideeën toe en leer je nooit iets nieuws. Als je té open-minded bent, of zelfs goedgelovig, kun je de waardevolle ideeën niet meer onderscheiden van de waardeloze. Scepsis is – als het góed is, zeg ik erbij – geen gesloten deur, maar een nog niet geopende deur met een stevig slot. Wie binnen wil komen, moet bewijs meebrengen. Een sleutel dus. En als het bewijs sterk genoeg wordt, is het ook de plicht van de wetenschapper om de deur publiekelijk te openen. De wetenschappelijke methode is in theorie volstrekt objectief en ego-loos. Maar de wetenschapper die de methode uitvoert, is een mens met carrière-doelen, subsidies, een reputatie en een ego. Als een nieuwe hypothese betekent dat het levenswerk van een gerespecteerde professor achterhaald of zelfs waardeloos wordt, is het een volkomen logische psychologische reactie dat deze professor in de verdediging schiet.
Nou, ik kan u zeggen dat McTaggart inmiddels een heel wat wetenschappelijke sleuteltjes heeft verzameld. Er is veel nieuw onderzoek gedaan en de resultaten zijn gepubliceerd. U zou er denk ik erg enthousiast van kunnen worden.
Oké… ik zal de hemelse bibliotheek er eens op naslaan. Het is goed om te horen dat de wetenschap is blijven zoeken. Dat is precies wat ik altijd hoopte. De grootste vijand van de wetenschap is dat er niet langer onderzoek wordt gedaan uit angst voor onbegrijpelijke of onwelgevallige uitkomsten. In de gevestigde wetenschappelijke wereld werken onderzoekers binnen een algemeen geaccepteerd kader en onvermijdelijke onverklaarbare afwijkingen of tegenstrijdigheden treden op als testresultaten niet langer in zo’n kader passen. De gevestigde orde reageert hier dan vaak defensief op door deze feiten te negeren, zodat de eigen positie kan worden beschermd. De spanning bouwt zich op tot een punt waarop de bewijslast zo overweldigend wordt dat het oude kaartenhuis instort en ruimte maakt voor een nieuw paradigma. De huidige discussies rondom bewustzijn en kwantumfysica lijken op de grens van zo’n wetenschappelijke revolutie te staan. Het is daarom best goed om een gewaagde hypothese te poneren mits die niet op louter verbeelding is gebaseerd… ben ik met je eens, en daar verzet ik mij dus niet tegen. Maar zo’n hypothese mag niet vanuit louter aantrekkelijkheid worden aangenomen door mensen van naam – autoriteiten bijvoorbeeld – in een opgedrongen overtuiging dat het laatste woord er over gesproken zou zijn. Altijd blijft er de vraag: “Hoe weten we dat?” Hier moeten we echt voor oppassen!
Vanzelfsprekend. Ook spirituele uitgangspunten moeten keer op keer onderzocht worden op werkelijkheid en waarheid, want er zijn inmiddels vele ‘influencers’ met vele volgers die van alles beweren, zonder er nog dieper onderzoek naar te verrichten… En dan heb ik het dus over innerlijk onderzoek, over dingen die werkelijk innerlijk te checken zijn, een onderzoek van de menselijke geest. Luiheid op dit gebied – aangedreven door aantrekkelijke uitgangspunten – is de dood van ware spiritualiteit.
Nou… dan ben jij dus net zo goed een scepticus. Goed om te horen.
Onze beider uitgangspunten laten in ieder geval zien dat kosmische verbondenheid niet slechts een filosofisch idee is, maar een fundamentele eigenschap van de werkelijkheid kan zijn. Ervin László wil kennelijk een brug slaan tussen oude spirituele wijsheid en empirische kennis. Ik volgde in mijn leven het mijns inziens zuiverder pad van kritisch wetenschappelijk onderzoek in oprechte verwondering. Ze kunnen naast elkaar bestaan als bronnen van inspiratie, maar ze zijn als verklaringsmodellen niet gelijk, snap je?
Dat snap ik.
Maar goed, ik begrijp wat je wilt aantonen: in de tijd van Socrates werd al gesteld dat de wereld uit ontelbare piepkleine elementjes moet bestaan… dus het bleef millennia onbewezen dat materie uit atomen bestaat. We moesten op dat bewijs meer dan 2300 jaar wachten! Ook Einsteins uitgangspunten werden lang niet bewezen en zelfs zeer gewantrouwd, voordat ze konden landen in de wetenschap. Ze werden basis voor nog veel meer verwondering… en voor nog meer onbegrip ook! Dit zou ook kunnen gelden voor eeuwenoude filosofische uitgangspunten en hypothesen. Maar goed: dus niks op voorhand aannemen. Blijven testen en onderzoeken. We nodigen samen uit tot een diepere reflectie over onze plaats in het universum en over hoe dit kon ontstaan… dus ook tot een diepere reflectie over onze menselijke geest en haar perceptie van de kosmos. En met ‘samen’ bedoel ik natuurlijk alle serieuze en integere onderzoekers op de wereld, als een geheel van mensen die aan waarheidsvinding doen.
Prachtig zoals u dat verwoordt! Heel hartelijk bedankt voor dit gesprek!
Graag gedaan!
Lynne McTaggarts ’tetralogie’
Al decennialang proberen grensverleggende wetenschappers en filosofen een brug te slaan tussen de harde wetenschap en de spirituele mystiek, een zoektocht die zich afspeelt op het gebied van kwantumfysica en hersenwetenschap. Hoewel hedendaagse fysici het verschijnsel non-lokaliteit inmiddels accepteren als een feit binnen de kwantumwereld, menen ze dat deze tegen de intuïtie indruisende eigenschap van de subatomaire wereld niet van toepassing is op alles wat groter is dan een atoom. In de gewone werkelijkheid zou dus alles zich nog volgens de voorspelbare en meetbare wetten van Newton gedragen. Vele proefnemingen hebben inmiddels echter bewezen dat ze ongelijk hebben.
In 1975 kwam natuurkundige Fritjof Capra reeds met zijn invloedrijke boek The Tao of Physics waarin fascinerende overeenkomsten werden beschreven tussen de moderne kwantummechanica en Oosterse stromingen zoals het taoïsme, boeddhisme en hindoeïsme, waarbij beide werelden de werkelijkheid beschrijven als een dynamisch, onverdeelbaar en onderling verbonden geheel.
In diezelfde periode voerden kwantumfysicus David Bohm en de Indiase filosoof Jiddu Krishnamurti jarenlang diepgaande gesprekken waarin ze de structuur van de kosmos direct verbonden met het menselijk bewustzijn. David Bohm had het hierbij over het concept van de implicate order, een diepere, impliciete orde waarin alles in het universum onlosmakelijk met elkaar verweven is.
Tegelijkertijd kwam de moderne neurotheologie, met pioniers als Andrew Newberg, met een wetenschappelijke kijk op de binnenwereld, door de hersenen van biddende en mediterende monniken te scannen, en toonde aan dat diepe mystieke ervaringen gepaard gaan met meetbare biologische veranderingen (voorbeeld: het wegvallen van de activiteit in de hersengebieden die ons ik-gevoel en tijdsbesef reguleren).
Wetenschapsfilosoof Ervin Laszlo kwam met de allesomvattende theorie die in bovenstaand interview aan de orde kwam, door een her-introcutie van het Akasha Veld, een kosmisch informatieveld in het nulpuntvacuüm dat de moderne kosmologie verbindt met het oude Vedische uitgangspunt dat alle kennis en ervaringen universeel zijn opgeslagen.
Uiteindelijk stuitten al deze pogingen op een fundamentele botsing tussen twee wereldbeelden: het modern-traditionele materialisme van de reguliere wetenschap, dat stelt dat fysieke materie de basis van alles is en dat bewustzijn slechts een bijproduct van onze hersenen is, versus het post-materialisme van pioniers zoals de Amerikaanse onderzoeksjournalist Lynne McTaggart, die aannemen dat het bewustzijn juist de fundamentele bouwsteen van de werkelijkheid is waaruit materie voortvloeit. Omdat de gevestigde orde strikt vasthoudt aan dat materialistische model, worden grensverleggende paradigmata vaak bij voorbaat als pseudowetenschap bestempeld, simpelweg omdat de reguliere wetenschap bang is haar geloofwaardigheid te verliezen aan fenomenen die ze nog niet binnen haar eigen, strikte regels kan verklaren.
Lynne McTaggart bracht honderden wetenschappelijke studies samen in haar boeken Het Veld, Het Intentie Experiment en De Verbinding. In Het Intentie Effect schrijft ze over wat de intentie experimenten hebben opgeleverd. Deze vier boeken tonen dat serieuze onderzoekers en wetenschappers de vraag naar de aard van het Akashaveld en de invloed van menselijke intentie niet hebben opgegeven. Deze inzichten vertegenwoordigen een zeer brede ontdekkingsreis: hoe individuele én collectieve intenties onze onderlinge verbondenheid, maatschappelijke vooruitgang en uiteindelijk zelfs een duurzame geweldloze vrede kunnen bewerkstelligen.
Een absolute aanrader, deze vier boeken. Na het lezen ervan zal je perceptie van de werkelijkheid totaal veranderd zijn!


