In vol gewaarzijn

Innerlijke duurzaamheid?

Vermoedelijk heb je het volgende wel eens meegemaakt: je bent op vakantie en je bezoekt in een stad of dorp even als rustpunt een kerk of een kapelletje. Je hebt het naar je zin, je voelt je goed en actief. Of je bent wat moe van het vele lopen en allemaal nieuwe dingen zien. Dus: even de koelte in.

Kerkbezoekje

Zodra we binnenstappen in de relatief stille en koele ruimte, vallen we zelf innerlijk ook enigszins stil. Onze blik gaat open, naar omhoog, om ons heen, intenser voelend, en we ervaren onszelf in een ruimte die ons uitnodigt zachter te praten, rustiger te bewegen, beter te zien, en als gevolg hiervan ervaren we onszelf veel ‘voelender’ aanwezig in die ruimte dan dat we buiten waren. Onze zintuigen staan meer open, en er is een zekere mate van zelfherinnering omdat we ons gewaar zijn van onszelf binnen een soort grootsere statuur (wat natuurlijk van oorsprong ook de bedoeling van kerkbouwers is geweest). Stille iconen of beelden kunnen dit stil-voelende gewaarzijn nog versterken.

Wat maakt dat we zo als vanzelf tot onszelf komen? Door wat worden we aan onszelf herinnerd?
Het is de Sattvische atmosfeer in deze ruimte, de stilte van Bewustzijn. Die is sterk genoeg (voor de meeste mensen) om hiermee te gaan resoneren. Want onze geest resoneert en past zich dus aan omgevingsenergie aan. Zo ook bij een drukke en warrige energie, die nemen we ook innerlijk over als we het ons niet gewaar zijn.

Supermarkt

Nu is de vraag: waarom nemen we bij het betreden van bijvoorbeeld een supermarkt of een station genoegen met een kwalitatief veel mindere staat van geest? Waarom dan genoegen nemen met een beperkter gewaarzijn? Waarom hebben we niet in élke situatie ons voelende gewaarzijn wijd open staan? Is er werkelijk een goede reden te vinden om dit open gewaarzijn in te perken? Is er één reden te noemen waarom we niet altijd in zelfherinnering onze wereld tegemoet zouden kunnen treden?

Ja. Er is één reden: SLAAP… door identificaties veroorzaakt. Hierdoor zitten we dicht.
Onze geest resoneert als we dicht zitten ook met een drukke en warrige energie, die nemen we namelijk ook over als we in een wakende slaap verkeren. Als we een luidruchtig kermisterrein betreden gaat het in onszelf ook een beetje los en kunnen we innerlijk meegesleurd worden in de chaotische sfeer.
De supermarkt doet weer beroep op een ander soort identificatie: kopen-kopen-kopen – en een beetje vlug. Het station is wellicht druk-druk-druk, en het wachten – wat een innerlijke houding is waarin we eigenlijk op stand-by staan – leidt tot innerlijke matheid of dagdromen. We zijn in die situaties maar deels aanwezig.

Uitzonderlijke situaties, zoals het hierboven beschreven bezoekje aan een kapelletje, maken ons van nature wakker. Het zorgt voor een korte oase-beleving in de dagelijkse hectiek; een kort wakker-moment dat ons uit onze mechaniciteit haalt.
Maar we hebben zo’n uitzonderlijke situatie niet echt nodig. Wat nodig is, is zelfherinnering, want dan staan we van nature open. En dan is eenheidsbeleving er eigenlijk vanzelf! Een ervaring van ‘eenheid en bewustzijn van mijzelf in de wereld’. Autonoom, volledig aanwezig en dus innerlijk in charge. Wat een verschil om zó boodschappen te doen en wat een verschil om zó op de trein te wachten!

© Michiel Koperdraat